Van begin tot aardige jongen 2/3​

Het doet er niet toe of ze objectief behandeld werden, misbruikt werden, verlaten, genegeerd, vernederd, gebruikt of verstikt, het was voor alle aardige jongens slecht en gevaarlijk om gewoon te zijn wie ze waren. 

Sommige berichten werden direct tegen ze gezegd omdat hun ouders zichzelf niet bezig hielden met het welzijn van hun kinderen. Sommige berichten werden indirect gecommuniceerd door liefdevolle ouders die zelf nog te jong, overrompeld werden of te veel afgeleid waren om in een zorgzame omgeving voor hun kind te voorzien. En soms werd het bericht dat ze niet zichzelf konden zijn toegebracht door omstandigheden die ver buiten ieders macht waren veroorzaakt.

Door toepassing van kinderlijke logica kwam hij telkens tot dezelfde conclusie, dat er wel iets verkeerds aan hem moest zijn omdat…:

  1. Als ik huil komt niemand;
  2. Moeder krijg die blik in haar ogen;
  3. Vader vertrok en kwam niet terug;
  4. Moeder moest alles voor mij doen;
  5. Vader schreeuwt tegen mij;
  6. Ik ben niet perfect zoals pappa en mamma;
  7. Ik kan mamma niet gelukkig maken.

Het laatste punt is in principe onmogelijk, en daarvoor ineffectief gedraag. En ook geen taak die bij de rol van het kind past maar, andersom. Hierboven genoemde kinderlijke ervaringen zorgde ervoor dat ze alleen goed genoeg waren om geliefd te worden als…:   

  1. In ben anders dan mijn vader
  2. Mijn moeder heeft me nodig
  3. Ik maak geen vergissingen
  4. Ik goede rapportcijfers haal
  5. Ik blij ben
  6. Ik niet zoals mijn broer doe
  7. Ik zorg ervoor dat niemand last van mij heeft
  8. Ik zorg ervoor dat vader en moeder gelukkig zijn  

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *